WIE KAN IK NOG VERTROUWEN?
Homoseksueel in nazi Duitsland en bezet Nederland

De tentoonstelling was de hele maand augustus 2016 te zien bij het Etty Hillesum Centrum in Deventer

Ga naar waar te zien.

 

 

 

 

 

ARCHIEF VAN EERDERE ACTIVITEITEN

Amsterdam
Leeuwarden

 

 

 

 

 

 

 

 

5 mei 2010 OPENING door Lonneke van den Hoonaard - directeur IHLIA Verdere sprekers: Boris Dittrich en dr. Anna Tijsseling Aanvang 16.00 uur op het IHLIA-plein - 6de etage OBA 8 mei 2010 THEATERGROEP GIDEONS BENDE met het toneelstuk BENT of De Anderen Aanvang 19.30 uur - Locatie theaterzaal Oba, 7de etage Entree €12.50 /€10.00 met OBA- of Stadspas en voor Vrienden van IHLIA. Reserveren via de Oba IHLIA presenteerde in de maand oktober eenFILMPROGRAMMA. De films, die te zien waren in het Verzetsmuseum (VMA) en in filmtheater Rialto, hebben allemaal homoseksualiteit en onderdrukking als thema. Hieronder vindt u informatie over de films.

________________________

Paragraph 175 (8 oktober 2006 in het Verzetsmuseum Amsterdam; om: 13.00 uur)
VS, 2000, regie: Rob Epstein en Jeffrey Friedman

Documentaire op basis van onderzoek en interviews van Klaus Müller. Aan het woord komen homomannen en lesbische vrouwen, die de kampen hebben overleefd. Maar tegen welke prijs? Op ontroerende en pijnlijke wijze vertellen zij – voor het eerst voor camera- hoe zij de kamptijd en de periode erna hebben doorstaan.

________________________

Un amour à taire (8 oktober 2006 in filmtheater Rialto; om: 15.30 uur)
Frankrijk, 2005, 102' , kleur, Frans gesproken, Eng.o.t., regie: Christian Faure

Lente 1942. Sarah, Jean en Philippe zijn tussen de twintig en dertig jaar. Zij is joods en de mannen zijn homoseksueel. In deze periode van bezetting hebben ze alledrie dezelfde wens: vrij hun leven leven, zonder dat ze er op aangekeken worden dat ze ‘anders' zijn. Op een dag echter wordt Jean ervan beschuldigd dat hij de minnaar zou zijn van een van de officieren van de Wehrmacht en wordt uitgeleverd aan de nazi's met vreselijke gevolgen.

________________________

Maar ik was een meisje (15 oktober 2006 in het Verzetsmuseum Amsterdam; om: 13.00 uur)
Ned., 1999, regie: Toni Boumans

Deze documentaire over celliste en dirigente Frieda Belinfante (1904 – 1995) vertelt het verhaal van de lesbische kunstenares die de eerste vooroorlogse vrouwelijke dirigente werd, maar die haar muzikale carrière stopzette na de Duitse bezetting van Nederland. Ze was daarna actief in het verzet ( o.a. de aanval op het bevolkingsregister in Amsterdam). Na de oorlog emigreerde ze naar de V.S., waar zij dirigent werd van het door haar opgerichte Orange County Philharmonic Orchestra. De documentaire is gebaseerd op het grote interview dat Klaus Müller in 1994 met haar had.

_______________________

Aimée en Jaguar (15 oktober 2006 in filmtheater Rialto; om: 15.30 uur)
Duitsland, 1999, 125' , kleur, Duits gespr., Ned. o.t. regie: Max Färberböck

Het waargebeurde verhaal van twee vrouwen in het Berlijn van 1943. Terwijl iedere nacht de bommen vallen, gaat het sociale leven toch door. Bij een concert ontmoet Lilly, de vrouw van een frontsoldaat en moeder van 4 kinderen, de energieke Felice. Lilly weet niet dat Felice joods is, onder valse naam bij een nazi-krant werkt en van daaruit informatie doorspeelt naar het verzet. Er springt een vonk over tussen beide vrouwen...

________________________

Timewatch: Lovestory (22 oktober 2006 in het Verzetsmuseum Amsterdam; om: 13.00 uur)
Groot-Brittanië, 1997, regie: Catrine Clay

Boeiende documentaire over de liefdesgeschiedenis van Lilly Wust en Felice Schragenheim. Na de val van de Berlijnse muur beschreef Lilly Wust haar liefdesrelatie aan schrijfster Erika Fischer, die het omwerkte tot de bestseller Aimée & Jaguar. Lilly Wust die op 31 maart 2006 overleed, vertelt in de documentaire op ontroerende wijze opnieuw het verhaal van de paar gelukkige maanden die zij met de joodse Felice beleefde.

Lilly Wust en Felice Schragenheim an der Havel, zomer 1944. Foto: archief Klaus Müller

EXTRA - INFO - EXTRA - INFO - EXTRA - INFO - EXTRA - INFO - EXTRA

Elisabeth 'Lilly' Wust (* 1 November 1914 in Berlin , † 31 März 2006 in Berlin)

Bekannt wurde sie durch den Film Aimée und Jaguar, der ihre Lebensgeschichte erzählt. Als Mutter von vier Kindern verliebt sie sich 1942 in die Jüdin Felice Schragenheim, die vier Monate später bei ihr einzieht. Lilly lässt sich kurz darauf von ihrem Mann scheiden. Nur etwas mehr als ein Jahr leben die beiden Frauen zusammen, bis am 21. August 1944 Felice von der Gestapo abgeholt wird. Wust bleibt als Muterkreuzträgerin vor einer Strafe verschont. Ihre Liebe zu Felice währt auch nach der Abholung durch die Nazis weiter, etliche Liebesbriefe belegen dies. Wust forscht sehr lange nach dem Aufenthaltsort von Felice, die vermutlich auf einem Fußmarsch vom KZ Gross-Rosen nach Bergen Belsen umgekommen ist. Am 14. Februar 1948 wird Felice Schragenheim vom Amtsgericht Berlin-Charlottenburg für tot erklärt, als Todesdatum wird der 31. Dezember 1944 festgelegt.

Wust erhält im September 1981 das Bundesverdienstkreuz , weil sie neben Felice noch drei weitere Jüdinnen bis zum Kriegsende in ihrer Wohnung versteckt hat. 1999 wurde sie als Gerechte unter den Völkern geehrt.

Fast 80jährig trifft Wust Erica Fischer und erzählt ihr ihre Geschichte. Aus langen intensiven Gesprächen, Briefen und Gedichten sowie eigenen Recherchen erscheint 1994 das Buch Aimée & Jaguar, welches 1998 verfilmt und 1999 als Eröffnungsfilm auf der Berlinale vorgestellt wurde.

Felice Rachel Schragenheim (* 9 März 1922 in Berlin, †  wahrscheinlich Anfang 1945 in Bergen) war eine deutsche Journalistin.

Im Sommer 1942 lernt Schragenheim Lilly Wust kennen und lieben. Nach vier Monaten zieht sie bei ihrer Freundin ein, die sie vor den Nazis versteckt. Am 21.August.1944 wird sie von der Gestapo abgeholt und ins KZ gebracht. Laut der Datenbank von Yad Vashem ist sie mit dem Transport I/116 am 8. September 1944 von Berlin nach Theresienstadt deportiert worden. Am 9. Oktober 1944 folgte dann mit dem Transport Ep die Deportation von Theresienstadt ins Vernichtungslager Auschwitz.

Ihr Todestag und -ort sind unbekannt, vermutlich ist sie auf einem Fußmarsch vom KZ Gross-Rosen nach Bergen-Belsen umgekommen. Am 14. Februar 1948 wird Felice Schragenheim vom Amtsgericht Berlin-Charlottenburg für tot erklärt, als Todesdatum wird der 31. Dezember 1944 festgelegt.

Bron: Wikipedia

_______________________

Rainbow's End (22 oktober 2006 in filmtheater Rialto; om: 15.30 uur)
Duitsland, 2006, 75' , kleur, Duits gesproken, Eng. o.t., regie: Jochem Hick & Christian Jentzsch.

Deze recente documentaire toont het leven anno nu van potten en flikkers uit Polen, Londen, Amsterdam, Kiev, Minsk, Egypte en Libanon en het spanningsveld van grote actuele politieke thema's: de opkomst van christelijk en islamitisch fundamentalisme, de herdefiniëring van mensenrechten, asielbeleid en rechtsradicalisme. Aan de hand van persoonlijke verhalen wordt duidelijk dat het einde van de regenboog nog lang niet in zicht is.

EXTRA - INFO - EXTRA - INFO - EXTRA - INFO - EXTRA - INFO - EXTRA - INFO

Synopsis:
Europa 2005. Für die meisten Schwulen und Lesben in Frankreich und Deutschland scheinen die politischen Ziele weitgehend erreicht: Die Bürgermeister ihrer Hauptstädte bekennen sich als offen schwul, Partnerschaften und Heiraten werden von Seiten des Staats akzeptiert. Man zieht sich zurück ins Private und pflegt ein hedonistisches Leben zwischen Datinglines und Clubbesuchen. Ist Aktivismus und politischer Kampf nicht mehr notwendig?

AM ENDE DES REGENBOGENS reflektiert persönlich bewegende schwul-lesbische Existenzen im Spannungsfeld der grossen politischen Themen unserer Gesellschaft: Neu aufkommender christlicher und islamischer Fundamentalismus, Neudefinierung von Menschenrechten, Asylbegehren und Rechtsradikalismus.
Die Berliner Freunde Christian und Marcel – etwas gelangweilt und ermüdet vom ständigen Ausgehen und Chatten – stossen im Internet plötzlich auf Seiten von Aktivistenorganisationen, welche Ausgangspunkt für eine Reise durch die verschiedenen politischen und humanistischen Problemstellungen für Schwule und Lesben im heutigen Europa wird.
Der Engländer Jeremy Hooke aus Norwich versucht seinen weißrussischen Freund Vadim, der wegen seiner Verfolgung als Homosexueller in seiner Heimat Asyl in Großbritannien beantragt hat, vor der Deportation zu bewahren, was ihm misslingt.
Peter Tatchell und Brett Lock von Outrage stehen Jeremy zur Seite. In ihren Aktionen („Zaps“) anlässlich der Hochzeit von Camilla und Prince Charles in Windsor und vor dem Westminster Cathedral nach dem Papsttod versuchen sie auf das Verbot der Homoehe in ihrem Land und auf die antihomosexuelle Politik des Vatikans aufmerksam zu machen.
Währenddessen wollen Stephen Barris und ILGA Aktivisten aus der ganzen Welt in Genf vor der versammelten UN-Kommission für eine Festschreibung des Rechts auf den weltweiten Schutz Homosexueller kämpfen: der erste Versuch, dies 2004 auf Wunsch der Brasilianer in die UN-Charta aufzunehmen, wurde abgeschmettert. Eine (un-)heilige Allianz zwischen Vatikan und Pakistan gegen das Vorhaben haben die Aktivisten dokumentiert.
Der Libanese Ghassan Makkarem stellt in Genf die erste schwullesbische Zeitschrift im arabischen Raum vor, während der in London lebende und gläubige Pakistaner Adnan Ali offen gegen Imame spricht, die Todesdrohungen gegen Schwule befürworten.
In Amsterdam sind Jeroen und Sander nach Übergriffen von arabischen Jugendlichen in ein anderes Viertel gezogen. Dort gehen die verbalen Beschimpfungen und körperlichen Angriffe weiter, so dass Joeron verängstigt nicht einmal mehr zum Einkaufen geht.
Seit dem Tod von van Gogh hat sich die Atmosphäre im einstigen „Gay-Capital“ Europas verschärft. Aktivisten wie Tania Barkhuis unterstützen den schwulen Marokkaner Shafik, der von Arabern krankenhausreif geschlagen wurde und deshalb von Tilburg nach Amsterdam flüchtete. Mit Cous-Cous-Abenden und durch ganz persönliches Streetwork wirbt er um Verständnis zwischen Arabern und Niederländern.
In Krakau treffen wir wieder auf Stephen Barris, der am Festival der polnischen „Kampagne gegen Homophobie“ teilnimmt. Der Marsch der Schwulen und Lesben im letzten Jahr endete in Gegengewalt. Filmausschnitte zeigen Zurufe von Polen, die die Teilnehmer am liebsten in den Verbrennungsöfen des nahe gelegenen Auschwitz sehen würden. Kurz nach dem Tod des Papstes sieht man von einem neuerlichen Marsch ab. Eine andere Organisation will trotzdem marschieren, doch die Stadt verbietet die Veranstaltung. Doch die Nazis und Schwulengegner formieren sich trotzdem.
Die teilnehmende Lesbe Beata besucht mit der Gruppe zum fünften Mal Auschwitz. Die Homosexuellen laden sich selbst ein, da man ihre Vertreter bei der Feier zum sechzigsten Jahrestag der Befreiung nicht haben wollte. Während Beata ein Interview in einem Café in Krakau gibt, begegnen ihr Jugendliche mit dem Hitlergruss. Wenige Monate später marschiert Beata, die noch nie öffentlich als Lesbe in Erscheinung trat, zusammen mit der stellvertretenden polnischen Ministerpräsidentin in der ersten Reihe der vom Warschauer Bürgermeister verbotenen Gay Pride Demonstration. Nch tätlichen Angriffen und Naziparolen der Gegendemonstranten wird die Demonstration nach 3 Stunden am Kulturpalast erfolgreich beendet.
Happy End? Anlässlich des Eurovision-Songcontest in Kiew trifft sich Jeremy mit seinem abgeschobenen Freund Vadim, der aus Minsk in die Ukraine reisen durfte – für eine knappe Woche. Fünf Tage bleiben ihnen für ihr Wiedersehen, für Nähe und Zärtlichkeit. Doch ihre gemeinsame Zukunft bleibt weiter ungewiss.
Schliesslich wird auch den Berliner Partygängern Marcel und Christian klar, das Ende des Regenbogens ist lange nicht in Sicht, der Homosexuellenbewegung bleibt auch im neuen Europa noch viel zu tun.

Bron: website Galeria Alaska, producent en distributeur van Rainbow's End

_________________________________

Castratie in WOII én verzetsverleden COC-stichter belicht

Dubbellezing in Verzetsmuseum Amsterdam

In het kader van de expositie Wie kan ik nog vertrouwen? Homoseksueel in nazi-Duitsland en bezet Nederland presenteert het Verzetsmuseum Amsterdam op donderdag 11 januari aanstaande een dubbellezing door Theo van der Meer en Hans Warmerdam. Zij spreken respectievelijk over Castratie van homoseksuelen voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog en over oud-verzetsman en COC-stichter Niek Engelschman . Naar aanleiding van deze lezingen verlengt het museum de tentoonstelling bovendien tot en met zondag 28 januari 2007.

In september 2006 publiceerde het Parool een interview met Theo van der Meer waarin hij zich kritisch uitliet over de tentoonstelling Wie kan ik nog vertrouwen? in het Verzetsmuseum.
Dit vormde voor het museum aanleiding met hem in gesprek te gaan, hetgeen resulteerde in een uitnodiging tot het geven van een lezing door Van der Meer getiteld Mietjes, mythes en monsters. Castratie van homoseksuelen voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog :

In Nederland zijn tussen 1938 en 1968 400 mannen die wegens zedenmisdrijven ter beschikking van de regering waren gesteld gecastreerd. Ruim 40% van deze mannen werd gelabeld als homoseksueel. Volgens recente publicaties zou er tijdens de Tweede Wereldoorlog onder Duitse druk sprake zijn geweest van een toename van het aantal castraties, vooral van homoseksuele mannen. Castratie wordt afgeschilderd als een middel dat specifiek diende tot repressie van homoseksualiteit. Gedetailleerde bestudering van beleidsstukken, gerechtelijke en medische dossiers van gecastreerden en toenmalige seksuologische publicaties bestempelt zowel de toenmalige labels als beweringen over castratie als specifiek repressiemiddel tot mythes.

Dr. Theo van der Meer heeft in het kader van het project Homoseksualiteit in de 20 e Eeuw van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis onderzoek gedaan naar castratie in Nederland.

Voorafgaand hieraan zal Hans Warmerdam, historicus, onder de titel Leven in een wereld zonder vrees spreken over oud-verzetsman en COC-oprichter Niek Engelschman .
Nico Engelschman (1913-1988) was vanaf zijn veertiende politiek actief, eerst als sociaaldemocraat, later als radicaalsocialist. Hij ijverde voor een betere, rechtvaardigere wereld, waar armoede niet bestond en afkomst er niet toe deed. Hij bestreed vanaf het begin van de jaren dertig het fascisme dat haaks stond op zijn humanistisch-socialistische mens- en maatschappijvisie. Verzet tegen de Duitse bezetter was vrijwel vanzelfsprekend. Vlak voor de oorlog wijdde hij zich aan een andere politieke strijd. Bewust geworden van zijn eigen gevoelens wilde hij zich inzette voor een rechtvaardige plaats van homoseksuelen in de samenleving. Na de oorlog richtte hij het COC op. Voor hem waren homorechten mensenrechten.

Hans Warmerdam, historicus, publiceerde onder andere Cultuur en Ontspanning (1987) over het COC in de periode 1946-1966 en Meer dan gewenst (1996/1998/2003) een handboek voor lesbisch en homoseksueel ouderschap.

Aanvang: 19.30 uur

Locatie: Verzetsmuseum Amsterdam

Entree: 7,50 euro p/p; 5,50 euro voor houders van een CJP/Museumkaart inclusief museumentree.

Reserveren: gewenst, telefoon 020 620 25 35 of info@verzetsmuseum.org

Voor meer informatie, zie www.verzetsmuseum.org of www.vertrouwen.nu

terug

 

 

 

 

LEEUWARDEN

Informatie over mogelijkheden en aktiviteiten bij de tentoonstelling in Leeuwarden

In het Filmhuis Leeuwarden, Ruiterskwartier 6, zijn een drietal films te bezichtigen die gaan over het onderwerp homoseksualiteit in de tweede wereldoorlog.

29 maart: Aimée & Jaquar, een film van Max Färberböck

19 april: Una Giornata Particulare, een film van Ettore Scola

3 mei: Na het feest vertrokken zonder afscheid, notities uit het leven van Willem Arondéus, een documentaire ovan Toni Boumans.

Kijk op www.ihlia.nl voor beschrijving van de films.

Het Anna Blaman Huis heeft deze en meer titels van films over het onderwerp in bezit. Ook boeken die hierover geschreven zijn. Ze zijn te huur tegen een kleine vergoeding.

Op 21 maart wordt het toneelstuk “Jij moet dansen” gespeeld in het Verzetsmuseum. Dit stuk wordt gespeeld door leerlingen van de ROC Friese Poort. Het is geschreven naar het boek van Aiden Chambers “Wil je dansen op mijn graf?” en geregiseerd door Gooitsen Eenling.

Op 18 april om 20.00 uur wordt er in het Verzetsmuseum een lezing gehouden over “homoseksualiteit en onderwijs” door Prof. Dr. R.A.P. Tielman. Ieder is welkom, toegang gratis.

Op 5 mei zal het traditionele bevrijdingsdebat in Leeuwarden “homoseksualiteit toen en nu” als onderwerp hebben.

Van 14 april t/m 21 april wordt de jaarlijkse Roze Week in Friesland gehouden. De week zal geopend worden op 14 april in het Verzetsmuseum Friesland om 17.30 uur. U kunt de tentoonstelling die dag gratis bezoeken vanwege het museumweekend en daarna de opening van de Roze Week bijwonen. Traditioneel wordt hierbij het Roze Pompebled uitgereikt aan iemand die voorgedragen is door de Friese gemeenschap voor zijn/haar verdiensten voor de homo-emancipatie in Friesland.

Op 17 april viert het Anna Blaman Huis haar 25ste verjaardag.
Dit wordt op de dag zelf gevierd met een lezing over het leven van Anna Blaman in het Anna Blaman Huis zelf.

Meer over de Roze Week op het www.homoplatformfryslan.nl

 

terug